ARTIKELS

COLUMNS

ENAJ (European Network of Agricultural Journalists)


ARTIKELS

Een greep uit landbouwartikels

Turkse zuivelsector tussen groeipijnen en potentie (Melkveebedrijf nr 5, mei 2016)
Poolse melkveehouderij moet nog achterstand inhalen (Melkveebedrijf nr 4, april 2016)
De Sloveense varkenshouderij (Varkensbedrijf nr.1 januari 2016)
Ierse rundvleessector (Veeteelt-Vlees, november 2015)
De Italiaanse varkenssector (Varkensbedrijf nr. 11, november 2015)
De Ierse duurzame melkveehouderij (De Molenaar nr.8 september 2015)
De Deense biologische varkenshouderij (Varkensbedrijf nr.7, juli 2015)
Ierse melkveehouderij wil de duurzaamste zijn
(Melkveebedrijf nr. 8, september 2015)
Nog eeuwenlang fosfaat (De Molenaar nr. 4, maart 2015)
De Spaanse varkenshouderij (Varkensbedrijf nr. 3, maart 2015).
Eiwitten uit de zee (De Molenaar, nr. 2, januari 2015)
Spaanse zuivelsector (Melkveebedrijf nr. 1, januari 2015)
Florida, buitenbeentje van de Amerikaanse melkveehouderij (Melkveebedrijf nr. 7, augustus 2014)
Na de melkquota (De Molenaar nr. 17, december 2014)
Landbouw, maatschappelijke pijler in de VS (Plattelandspost nr. 10, december 2008)
Een zuivelketen in de woestijn (Melkveebedrijf nr. 7, juli 2010)
Methaan- en stikstofuitstoot reduceren (De Molenaar nr. 15, november 2012)
Nieuwe soja- en sorghumvariëteiten in Gent (De Molenaar nr. 17, december 2012)
Belgian Caviar (De Molenaar nr. 17, december 2012)
Soja in Argentinië (De Molenaar nr. 1, januari 2014)
Dubbeldoelinsecten (De Molenaar nr; 3, februari 2014)
Duurzame soja in de VS (De Molenaar nr. 7, mei 2014)
Moderne varkenssector (Varkensbedrijf nr. 8, augustus 2014)
De mondiale zuivelmarkt (Melkveebedrijf nr. 8, september 2014)
De Britse zuivelsector (Melkveebedrijf nr. 9, oktober 2014)
Jef Verhaeren over landbouw in de Lage Landen (Neerlandia/Nederlands van Nu – 4-2012)


COLUMNS

Verschenen in De Molenaar onder de rubriek ‘Krakende Persen’

1. Alternatieve markten

2. Boer pas op je ganzen

3. Voorspellingen

4. Duurzaam GLB???

5. Speculatiespook

6. Het TTIPaard van Troje

7. GGO-Sofismen

8. Groen Chauvinisme

9. Lokaal zonder grenzen

 

Art.KP.Voortouw/DM/ME/JV/15.8.2014

Alternatieve markten

“De Russen zijn gebelgd maar de Belgen zijn gerust”, zei een spitsvondige Minister van Buitenlandse Zaken met de naam Marc Eyskens ooit. Vandaag zijn de Russen opnieuw gebelgd door de Westerse sancties maar de Belgen, evenals de andere EU-lidstaten, hebben weinig redenen om er gerust in te zijn. Poetin kondigde immers tegensancties aan en die treffen vooral onze landbouwexport. Dat komt hard aan voor onze dierlijke productie maar vooral ook voor onze tuinbouw. Uiteraard snijden de Russen daarmee in eigen vlees maar ze zullen het wel trachten vol te houden tot Poetin zijn nationalistisch gezicht kan redden.

Intussen moeten de sector en de EU alternatieve oplossingen vinden. Solidariteit van de consumenten zoals we dat nu beleven met de peertwitters zijn hoopgevend maar lossen het probleem niet echt op, evenmin als Europese steun om de geleden schade enigszins in te dijken. Evenals de transparantie van de varkensboeren in het zuiden van Nederland met hun acties naar de consument toe, zoals ‘Varkens kijken’, zorgen de consulenteninitiatieven om de consumptie van peren te bevorderen voor een langverwachte verademing. Maar er is meer nodig dan dat.

De Russische boycot legt de afhankelijkheid van onze export, toch voor een aantal producten, pijnlijk bloot. Het is overduidelijk dat we op zoek moeten naar alternatieve exportmarkten en daarbij onze eieren in meer dan één mand leggen. Dan zijn we minder kwetsbaar voor een politiek geïnspireerde handelsboycot maar ook voor verdoken protectionistische reacties, die ook wel eens voorkomen. Alles op China inzetten is dus ook geen ideaal alternatief. Het is belangrijk dat de sectoren zich met het handelsbeleid moeien en alert blijven. Dat geldt evenzeer voor de vrijhandelsbesprekingen met de Verenigde Staten. De Amerikanen mogen dan wel onze vrienden zijn, laten we niet vergeten dat er sinds het einde van de 19de eeuw een constante is in de Amerikaanse economische strategie: de wereld en vooral Europa zoveel mogelijk afhankelijk maken van Amerikaanse import van landbouw- en voedingsproducten. Met het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid is dat verhinderd en we moeten erop toezien dat wederzijdse handelsstromen ook voor landbouw- en voedingsproducten in stand worden gehouden en zo mogelijk voor de EU nog worden verbeterd.

Jef Verhaeren

Art.KP.Voorspellingen/DM/ME/JV/4.9.2013

Boer pas op je ganzen

‘Als de vos de passie preekt, boer pas op je ganzen.’ Het is een oude wijsheid die we best ter harte zouden nemen in verband met een mogelijk vrijhandelsakkoord tussen de VS en de EU. Soms heb ik het gevoel dat men ons ter zake in slaap aan ’t wiegen is. De enige luide stem die we gehoord hebben om de landbouw buiten de onderhandelingen te houden komt van het groene Belgische europarlementslid Bart Staes. In feite zouden alle politici die de Europese landbouw, de Europese voedselonafhankelijkheid, de Europese voedselkwaliteit- en veiligheid en dus de Europese consument in het hart dragen, moeten wakker worden.

De Amerikanen zijn alvast wakker. Toen de VS-handelsvertegenwoordiger Demetrios Marantis onlangs in de senaat ondervraagd werd over de positie die de VS zal innemen tijdens de onderhandelingen over vrijhandelsakkoorden met Europa, benadrukte hij dat hij de toegang tot de Europese markt voor Amerikaanse landbouwers ‘heel serieus neemt’. Dat is niet nieuw maar de rode draad in het Amerikaans landbouwbeleid sinds het Marshall-Plan, waarmee de Amerikanen de Europese industrie na de oorlog wilden heropbouwen zodat de mensen werk en dus een inkomen hadden om Amerikaanse landbouwproducten te kopen. De Amerikanen hebben altijd, zoals Bush het onderstreepte, de wereld willen voeden en dus van hen afhankelijk maken zoals dat met Japan het geval is. Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid is hen dan ook altijd een doorn in het oog geweest.

EU-Commissarius van Handel Karel De Gucht is voor ons een slechte vertegenwoordiger. Hij wil vrije markt voor landbouw, waar hij altijd al minachtend tegenover stond, maar voor Chinese zonnepanelen wil hij invoerheffingen. Europese appels en veel kazen mogen vandaag niet eens op de Amerikaanse markt en daaraan zullen we niet moeten raken. Als men dranken niet meerekent is er nu al een tekort op de Europese landbouwhandelsbalans met de VS. We weten intussen dat het landbouwbudget in de VS tussen 2005 en 2010 steeg met 40% terwijl het in de EU blijft dalen. In 2010 konden in de VS 2,2 miljoen landbouwbedrijven rekenen op 130 miljard euro overheidssteun, in de EU 13,7 miljoen landbouwbedrijven op 76 miljard euro. We mogen ons dus niet door de VS en Demetrios Marantis in de luren laten leggen en zeker niet door Karel De Gucht.

Art.KP.Voorspellingen/DM/ME/JV/14.6.2013

Voorspellingen

Op studiebezoeken, congressen, seminaries en persconferenties van politici in Nederland, België, Bulgarije, Ierland en Polen heb ik ze de laatste weken weer gehoord, de toekomstvoorspellingen over voedselproductie en –behoeften. Dat de voedselproductie moet verdriedubbelen tegen 2050 om de groeiende wereldbevolking te voeden, dat vooral de vraag naar eiwitten door de stijgende welvaart in Azië spectaculair zal stijgen, dat dus ook de voedselprijzen zullen stijgen en de prijzen van de grondstoffen volatieler worden, we horen het geregeld. We trekken dat ook niet in twijfel, integendeel. Op het congres van FEFAC wezen ook eminente sprekers zoals Jan Dirk Kennes van Rabobank en voorzitter Mario Cutait van IFIF (International Feed Industry Federation) op de pijnlijke vaststelling dat het landbouwareaal en het water op onze aarde beperkt zijn. Er zijn ook grenzen aan de landbouwproductiviteit, daar wijst de FAO al een tijdje op. De conclusie dat de productiviteit in westerse landen, dus ook in de Nederlanden, moet worden opgedreven om de wereld mee te voeden zal in vele oren wel verrassend klinken en het zet ons ook aan het denken.

Vaak heb ik het recht op landbouw van elk volk onderstreept, mede steunend op het recht op voeding. Maar voedselzekerheid of -onafhankelijkheid en zelfvoorziening is blijkbaar toch niet voor elk volk weggelegd. Voor Afrika blijft het sowieso voorlopig onhaalbaar en voor China (één derde van de wereldbevolking) lijkt het zelfs een achilleshiel te zijn. Niet voor niets koopt China steeds meer landbouwgronden ondermeer in Madagaskar en Argentinië. Maar waar leidt dat naartoe? Volgens Mario Cutait moet de voedselproductie gewoon globaal worden. Dit principe is echter in conflict met de stelling van het streven naar zelfvoorziening, eventueel door subsidiëring en marktmaatregelen. Het staat ook haaks op het beperken van het aantal voedselkilometers. Een bedenking daarbij: 100 jaar geleden waren grondloze landbouw (zoals vrij algemeen in onze glastuinbouw) en intensieve veeteelt wellicht ondenkbaar. Ongetwijfeld zijn er ook nog andere denkpistes voor de toekomst die men nu niet ziet. Er is zeker nog ruimte voor visionair denkwerk en onderzoek ter zake.

Art.KP DuurzaamGLB/DM/ME/JV/67.2.12

Duurzaam GLB???

Het landbouwareaal in de wereld is schaars en volgens de FAO is 25% van het areaal gedegradeerd. Bovendien hebben de mensen de gewoonte op goede grond te gaan wonen, zoals in de dichtbevolkte Nederlanden. Volgens de FAO moet de voedselproductie tegen de helft van deze eeuw met 70% worden opgedreven. Volgens een studie van Sanderine Nonhebel van de Universiteit van Groningen moet het landbouwareaal worden uitgebreid maar volgens de FAO zit dat er niet in en moeten we de productie opdrijven op de bestaande landbouwgronden. Een duurzame voedselvoorziening, een duurzame landbouw dus wordt een enorme prioriteit.

Daarom stijgen de budgetten voor ondersteuning van de landbouw tussen 2005 en 2010 haast overal aanzienlijk: in Brazilië met 60%, in China met 130% en in de VS met 40%. In de EU daalde ze echter. De landbouw kon in 2010 in de VS rekenen op 130 miljard euro overheidssteun, in de EU op 76 miljard euro. De EU besteedde dus 151 euro per capita aan landbouwondersteuning, de VS 422 euro of 3 maal meer. Daarbij komt nog dat de West-Europese landen die geen lid zijn van de EU ook relatief veel meer besteden aan landbouwondersteuning. Terwijl de subsidie in de EU 20% van het landbouwinkomen bedraagt is dat in IJsland 47%, in Zwitserland 56% en in Noorwegen 60%.

Wat doet de Europese Unie intussen om onze voedselvoorziening en voedselonafhankelijkheid veilig te stellen. Onze regeringsleiders discussiëren over een verlaging van het budget 2014-2020 voor het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) met 15%. En al schermt men vaak met het sofisme dat het GLB met het leeuwenaandeel van het EU-budget gaat lopen, de overheidsgaven voor landbouw bedragen in de EU, dankzij het de gemeenschappelijke aanpak (GLB) minder dan 1% van de totale overheidsuitgaven, tegenover bijvoorbeeld 39% voor de sociale zekerheid. Minder dan 1% dus voor de voedselzekerheid van bijna 500 miljoen mensen, om nog niet te spreken over de 26 miljoen jobs in de landbouw en 20 miljoen jobs stroomop- en stroomafwaarts en over de onbetaalbare bijdrage van de landbouw voor milieu, landschaps- en plattelandsonderhoud. Een duurzame Europese landbouw en voedselzekerheid vraagt om een duurzaam GLB en GLB-budget.

Jef Verhaeren


Art.KP.Speculatiespook/DM/ME/JV/28.11.2014

Speculatiespook

Onze intensieve veredelingssector, vooral de varkens- en pluimveesectoren, staan zwaar onder druk. Bovenop de Russische boycot, die vooral de varkenssector treft, is er nu ook de vogelgriep. Eens temeer zal de sector echter zijn overlevingskracht tonen en de vogelgriep overwinnen. Ook de Russische boycot vertoont barsten. De Russen zijn boos omdat er EU-producten herverpakt via Bosnië-Herzegovina naar Rusland zouden worden uitgevoerd. Dat dit vanuit het bevriende Servië en Belarus op grote schaal blijkt te gebeuren, daar hebben ze blijkbaar geen probleem mee. De Russische vleesindustrie is intussen ook wel fors aan het investeren maar blijft duidelijk ver van de zelfvoorziening. Volgens de Duits-Russische kamer van buitenlandse handel is het einde van de westerse sancties tegen Rusland in zicht.

Er blijft zeker toekomst voor een performante en professioneel beheerde varkenssector in Nederland, Vlaanderen en ondermeer Denemarken en Duitsland (dat intussen voor 109% zelfvoorzienend is geworden). De vraag naar dierlijke proteïne en dus vlees elders in de wereld blijft immers stijgen, al daalt de consumptie per capita bij ons. De productiecapaciteit in Oost-Europa en Azië blijft immers achterop lopen op de stijgende vraag. We moeten echter doeltreffend handel drijven en, zoals we in een vorige ‘Krakende Persen’ al aangaven, moeten we onze export diversifiëren over meerdere landen.

Een groot probleem dat echter aandacht verdient is de speculatie op veevoedergrondstoffen. Het voeder is de belangrijkste productiekost in de intensieve veeteelt. Binnen de voedingsketen zelf heeft elke schakel recht op een billijk deel van de koek maar speculatie door actoren buiten de keten op duurzame voedingsgrondstoffen is onethisch. Met de FAO blijf ik ook vragen stellen bij het gebruik van de beperkte vruchtbare grond te ontnemen aan de voedselproductie voor de productie van energie. Daarover wordt het debat echter gevoerd. Het debat over onethische speculatie moet ook aan de orde komen.

Jef Verhaeren


KP/TTIPaard/DM/JV/22.3.2015

Het TTIPaard van Troje

Is het Transatlantic Trade and Investment Partnership (TTIP) of het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag een belangrijke impuls voor de Europese welvaart of is het een Amerikaans Paard van Troje, zoals tegenstanders beweren? TTIP biedt ongetwijfeld voordelen maar niet alleen de landbouwsector, ook tal van ngo’s, universiteiten en consumentenorganisaties zijn bezorgd over de totaal verschillende wijze van toepassen van regels voor voedselveiligheid, leefmilieu, enz., die tot gevolg hebben dat volgens Europese normen geproduceerd voedsel wordt weggeconcurreerd.

Positief in de balans is volgens COPA dat vrijhandel voor Europa kansen biedt voor de export van producten met een hoge toegevoegde waarde, zoals wijn en kaas. COPA hoopt ook dat TTIP een gemeenschappelijke standaard – vooral inzake duurzaamheid - zal opleveren waar andere landen niet omheen kunnnen. COPA rekent erop dat een aantal Amerikaanse bureaucratische handelsbelemmering voor groeten en fruit zullen worden afgebouwd en dat toegang zal worden verleend voor sommige zuivelproducten zoals kazen van rauwe melk en andere merkkazen evenals voor Europees rundsvlees. Ook het Europees systeem van oorsprongsbenadering moet volgens COPA erkend worden. Dat is niet voor de hand liggend want in de VS worden Amerikaanse producten als Parmaham en Gruyèrekaas gedeponeerd.

Aan de negatieve kant van de balans weegt, naast de hogere veevoederprijzen, vooral het fundamenteel verschil in goedkeuringssystemen van niet alleen voedingsproducten maar ook van gewassen (GGO’s), gewasbeschermingsmiddelen, leefmilieuvoorwaarden, dierenbescherming, enz. erg door. Producten en productiemiddelen zijn in de EU alleen toegestaan als onomstotelijk bewezen is dat ze onschadelijk zijn. In de VS geldt precies het omgekeerde: een product mag de markt op als niet absoluut bewezen is dat het gevaarlijk is. Bovendien schrijft de Europese voedselveiligheid voor dat de productiewijze aan normen is onderworpen terwijl in de VS een product enkel aan het einde van de keten wordt gecontroleerd. Daardoor zijn Amerikaanse producten niet alleen goedkoper maar zullen ook chloorkippen, anders geproduceerde eieren en hormonenvlees de Europese markt overspoelen, tenzij de Europese onderhandelaars ons verrassen.

Voor de Amerikaanse handelaars is landbouw een prioriteit. Dat is al eeuwen zo en ook het Marshall-Plan was erop gericht dat de wederopgebouwde fabrieken de talrijke Europese consumenten koopkracht zouden leveren om Amerikaanse landbouwproducten te kopen en Europa dus voedselafhankelijk te maken. Voor de Europese onderhandelaars is landbouw pasmunt. Zo mogen we vrezen dat voor de Europese focus op rundvlees en geografische herkomstbenamingen, of zelfs voor andere dan landbouwbelangen, belangrijke landbouwdossiers worden geofferd. Waakzaamheid voor een TTIPaard van Troje is dus wel degelijk geboden.

Jef Verhaeren


Ar.KP.GGOsofismen/DM/JV/29.6.2015

GGO-SOFISMEN

De discussies in het Europees Parlement over het voorstel van de Europese Commissie om de lidstaten zelf te laten beslissen over het gebruik van en de handel in producten op basis van GGO’s heeft het – vaak populistisch-emotionele maar weinig wetenschappelijke - debat in de media weer op gang gebracht. De filosoof Johan Braeckman schreef in ‘Trends’ en ‘Plant Science’ de afkeer van gentechnologie toe aan het feit dat GGO’s niet in ons intuïtieve beeld van natuur passen. Bart Coenen, die vroeger werkte voor Agalev en Velt, en Stijn Bruers, één van de oprichters was van ‘Bite back’, kwamen tot de conclusie dat de tegenstand tegen GGO’s vanuit wetenschappelijk oogpunt moet herbekeken worden.

Daarbij denken we weer aan de Canadese spijtoptant Patrick Moore, medeoprichter van Greenpeace, die in 2004 verklaarde: “Greenpeace heeft liever blinde kinderen dan genetisch gemodificeerde rijst”. In De Standaard liet hij toen optekenen dat duurzame ontwikkeling niet het doel is van Greenpeace maar wel actie voeren, zelfs tegen vrije meningsuiting. “Hun campagne tegen biotechnologie heeft hun intellectueel en moreel bankroet aan het licht gebracht”, zei hij. “De angstcampagnes berusten grotendeels op verzinsels en op een totaal gebrek aan wetenschap en logica.” Sofismen dus! Moore verwijst op de talrijke overtuigende wetenschappelijke studies die dat aantonen en niet kunnen genegeerd worden.

De milieucommissie van het Europees Parlement noemt het Commissievoorstel terecht onwerkbaar. Sofismen, die emoties en populisme dienen, kunnen trouwens niet als gelijkwaardige basis erkend worden als de wetenschappelijke. Het is een luxe tegen GGO’s te zijn zoals Oostenrijk, als je na Noorwegen de meest gesubsidieerde landbouw geniet in Europa. In België is Vlaanderen voor GGO’s en Wallonië, dat slechts 20% van de Belgische productiewaarde vertegenwoordigt en het beleid vooral richt op gesubsidieerd plattelandsbeleid en streekproducten, is er tegen. Er zijn nog meer zo’n voorbeelden in Europa. Het Europees landbouwbeleid moet op dit punt eenvormig zijn evenals op het vlak van de wetenschappelijke basis van de regelgeving. De landbouw moet duurzaam zijn en de wereld voeden. Dit kan alleen met de beste technologie en biotechnologie is daar een onmisbare pijler van.

Jef Verhaeren


Art. KP-Groenchauvinisme/DM/JV/9.2.16

GROEN CHAUVINISME

In 2009 vond het wereldcongres van de landbouwjournalisten plaats in Texas. Eén van onze Texaanse collega’s, die zelf een ranch had en voor een perstrip als gids fungeerde, begon zijn zelfzekere uiteenzetting met de woorden: “15 jaar geleden was het leefmilieu voor de landbouw hier in de VS en Texas nog geen aandachtspunt maar vandaag zijn we de groenste boeren van de wereld.” Ik vroeg hem hoe groot zijn wereld dan wel was en, ja hoor, veel verder dan Texas reikte die niet en wat er in Europa gebeurde, wist hij al helemaal niet.

Natuurlijk was de druk om de landbouw milieuvriendelijk te maken in het dichtbevolkte West-Europa veel groter en reeds half de jaren tachtig lanceerde de Noorse premier Gro Harlem Brundland het begrip duurzame ontwikkeling. De Scandinavische landbouw, evenals die van Nederland en België waren er als de kippen bij om het begrip duurzame landbouw te promoveren. Al wilden de Nederlanden (Nederland en België), samen met Denemarken in feite, ecologie en economie ter zake verzoenen, de Nederlandse landbouwminister Gerrit Braks en zijn Belgische collega Paul De Keersmaeker lieten vanaf 1985 geen gelegenheid onverlet om duurzame landbouw te promoveren. Landbouwwetenschappelijke instellingen van Wageningen tot Leuven en Gent sprongen meteen op de kar en progressieve landbouwers en hun organisaties volgden.

Op de opening van de belangrijkste landbouwbeurs van Italië, Agricolafiere in Verona op 3 februari 2016 hoorde ik beursvoorzitter Giovanni Mantovani zeggen dat de Italiaanse landbouw de groenste van Europa is. Ik dacht weer aan Texas en wou mijnheer Mantovani zeggen dat meten weten is en chauvinisme geen maatstaf. Er zijn maatstaven en die zeggen dat de CO2-voetafdruk van de Ierse landbouw de laagste is. Nederland en België scoren dan weer best op andere leefmilieuparameters omdat de druk om milieuvriendelijk te produceren hier groter is dan waar ook, wegens de bevolkingsdichtheid. Onze veevoedersector recycleert bijvoorbeeld meer dan welk ander land ook. En toch is onze intensieve veeteelt en land- en tuinbouw zeer productief. Voor chauvinisme, al dan niet wetenschappelijk gefundeerd, is echter nog geen plaats. Er moet nog veel weg afgelegd worden om tot een werkelijk circulaire groene landbouw te komen. Het is de roeping van de Nederlandse en Belgische landbouw en agro-industrie om de weg te wijzen.

Jef Verhaeren


Art.KP.Lokaal-Export/DM/JV/ 20.10.15

LOKAAL ZONDER GRENZEN

‘Lokaal’ klinkt steeds beter in de oren van veel verbruikers en landbouwdenkers, die niet door al teveel kennis ter zake worden gehinderd. De Fransen pakken uit met ‘Viande de France’ en tal van andere nationale labels. De ‘produits de terroir’ is een Frans protectionistisch idee. Maar ook de Britten willen hun landgenoten ‘Eat British’ aansmeren en zelfs België heeft een label ‘Lekker van bij Ons’. Anderen gebruiken de nationale herkenning dan weer meer als een exportondersteunend element. Nederland doet dat vaak en ook Italië. Maar ook België en Frankrijk spelen dat uit als het voordeel oplevert.

Het lijkt allemaal onschuldig en er is zeker plaats voor lokale producten of ‘produits de terroir’, vooral in nichemarkten. Het wordt pas gevaarlijk als zogenaamde visionairs dit gaan zien als onze ideale toekomst. Vaak wordt daarvoor ook het argument van de ecologische voetafdruk gebruikt. Hopelijk gaan dergelijke argumenten de handelsbesprekingen met de VS niet beïnvloeden ten nadele van de EU en tot groot jolijt van de Amerikanen. Echt dramatisch wordt het als Franse boeren harde acties gaan voeren om de import of doorvoer van Spaanse land- en tuinbouwproducten te beletten. Daarmee snijden ze trouwens in eigen vlees want Frankrijk heeft veel baat bij het Europees gemeenschappelijk landbouwbeleid en bij de export. Misschien moeten sommige Franse sectoren het ondernemerschap in de landbouw wat bijstellen.

Het is van het grootste belang dat onze burgers onze landbouwexport naar waarde weten te schatten. Nederland is een landbouwexportland bij uitstek maar ook België boekt een handelsoverschot van zo’n 5 miljard euro met agrarische producten. En niet alleen dat economische voordeel is van belang, een hoge zelfvoorzieningsgraad is iets wat een meerderheid van landen in de wereld terecht benijden. Het houdt ons scherp en houdt aldus een haard van knowhow in stand en het geeft onze consumenten een bevoordeelde positie inzake kwaliteit en voedselveiligheid. Lokaal mag dan al leuk zijn, het mag onze landbouweconomie en –export niet ‘begrenzen’!

Jef Verhaeren

 

ENAJ

European Network of Agricultural Journalists (ENAJ)

Presentation of the
The European Network of Agricultural Journalists (ENAJ)

By Jef Verhaeren, chairman

ENAJ was founded on December 6th 2011 in Brussels by the national associations and guilds of agricultural journalists in 17 EU Member States. The foundation of ENAJ was supported by the European Commission and the network still has close contacts and collaboration with DG AGRI.

ENAJ is a network, acting as an umbrella organisation of the national associations of agricultural journalists in the EU Member States; ENAJ has at present 20 members: Austria, Belgium, Croatia, Czech Republic, Denmark, Finland, France, Germany, the Netherlands, Hungary, Ireland, Italy, Poland, Romania, Slovakia, Slovenia, Spain, Sweden, Switserland and the United Kingdom.. A recent change to the ENAJ charter will allow also national associations of agricultural journalists in EFTA countries to apply and become members of ENAJ.

The General Assembly is the highest authority of ENAJ. Two delegates from each member country association can attend the G.A and during the meeting, the ENAJ management committee is elected (for three years). Last elections were held at the G.A. in December 2012.

The present Management Committee has nine members: Jef Verhaeren (BE) - chairman, Katharina Seuser (DE) - vice chairman, Erik Massin (FR) - vice chairman, Damien O'Reilly (IE) - secretary general, Hans Siemes (NL) - treasurer, Jesus Lopez Colmenarejo (ES) – co-ordinator new associations, Tatiana Cop (SI) - responsible for education (with Katharina Seuser) and Adrian Bell (UK) - responsible for communication.

The ENAJ main objectives are:

• Networking and professional activities for agricultural journalists in the ENAJ member countries.

• To collect and distribute information. Co-operate with DG-AGRI to strengthen the "sister" network of European journalist called Ag-Press.eu and help finding participants for Ag-Press activities and events.

• ENAJ strives to establish agriculture guilds and associations in Member States who do not yet have an agricultural journalism organisational structure. There have already been meetings in 2012 and 2013 with colleagues in Latvia, Cyprus, Portugal and Greece to this end; Romania entered as the 18th ENAJ member in August 2013.

• ENAJ also aims to provide professional development opportunities for young journalists in its member countries.


ENAJ main activities are:

• ENAJ organises two annual meetings for the ENAJ delegates (two per member country/association), with support of DG AGRI. The General Assembly generally takes place in Brussels in connection with the Annual Ag-Press Network event in December and the other ENAJ meeting is organised in the Spring, in connection with the Informal Farm Council (in the EU Presidency country).

• Maintain and develop the ENAJ web site www.enaj.pro and the ENAJ on social media (primarily Twitter)

• Study trips: In 2012 ENAJ organised, with support from DG AGRI, a study trip for young journalists to visit the EU Institutions in Brussels and to Belgian Flanders. In 2013 another group of young journalists were invited to a seminar at Agritechnica (Germany).

• Since 2012, ENAJ has organised a young journalist competition together with DG AGRI.

• ENAJ will, as of 2014:


o Start organising thematic low budget press trips for its member journalists; such trips are already scheduled for the Benelux and for Spain.

o Offer its members invitations and special facilities at national events and agricultural fairs.

o Organise networking activities with different European confederations, umbrella organisations of farmers' organisations i.e. COPA-COGECA, FEFAC etc.

To fulfil the ENAJ objectives and activities, it is important that we work together and that all agricultural journalists join their national agricultural journalist association. Those who do not yet have an association to join are invited to contact us (see contact details on www.enaj.pro) and we will do our utmost to support and advise you in the networking needed to start and form a national association that can become part of ENAJ.

CROTIAN GUILD OF AGRICULTURAL JOURNALISTS
ALLREADY IN CHAMPIONS LEAGUE

Only since December 2013 has the Croatian guild of agricultural journalists DANH been recognised as a member guild by ENAJ and today the guild is as active as if it had been there for 50 years. On November 15th the guild held its national general assembly in Orahovica in Slavonia and it was a perfect event. Tatjana Cop and Jef Verhaeren were invited to represent ENAJ, and as president Markus Rediger of IFAJ couldn’t be present we also presented IFAJ. Some 40 members participated at the general assembly where Martin Vukovic was reelected as president and Goran Beinrauch was elected as secretary.

But the guild organised more than a good assembly meeting. The same day the members could visit PP Oharovica, an agro company which has more than 10,750 ha of land and employs more than 300 people. We learned to know the wine production and tasted the wines. Other activities are different crops, cattle breeding, fruit production and fishery in 3,348 ha of lakes. We could see the aquaculture exploitation and we consumed the fish on a nice dinner, with folk music and initiated with a medieval show. This DANH day was really well organised and the enthusiasm of the members was of the same level.

The day before I had the opportunity to visit with Martin Vukovic the labs of Croatiakontrola in Zagreb. On Monday we (Martin, Tatjana, Ana Rogac and me) made a beautiful trip to Istria where we visited Ipsa (ecological olive oil and wine production), the large agro company AgroLaguna (wine, olive oil and cheese production) and an artisanal cheese producer. Together with the contact with many enthusiastic Croatian colleagues was it a surprising experience.

Jef Verhaeren

Pictures:


1. After the general assembly of DANH in Orahovica in Slavonia.


2. ENAJ chairman Jef Verhaeren, DANH chairman Martin Vucovic,
ENAJ MC member Tatjana Cop and DANH secretary Goran Beinrauch.


3. At the aquaculture exploitation of PP Orahovica.


4. A medieval show before dinner.


5. Fish is ready.


6. Singing after lunch.


7. In the wine cellars of AgroLaguna


ENAJ General Assembly January 28th, 2015

TWO NEW MEMBER ASSIOCATIONS RECOGNISED

The general assembly of ENAJ recognised January 28th two member associations: the agricultural journalsts association of Norway, an EFTA member state, and the agricultural journalsts association of Bulgaria, which was recently founded. The Norweigian Association of Agriculture Journalists exist since a long time. As in 2013 is decided that EFTA member states associations could be accepted as ENAJ member associations, the Norweigian Association of Agriculture Journalists apllicated for membershicp in Octobre 2014. The Bulgarian Bulgarian Association of Agricultural Journalists os registered only recently with the support of ENAJ. Ekaterina Terzieva is chairman of the Board, deputies are Mr. Spas Kuzov, deputy editor of the newspaper Maritsa, and Ekaterina Kyuchukova, a TV journalist.

After the General Assembly, during dinner the ENAJ Young Agricultural Journalist competition Awards were distributed. Austria’s Eva Zitz won first prize with ‘Agriculture is sexy’, her account of Pedro Bernandes, a young fruit grower from western Portugal who took over and restructured his father’s farm. Slovenia’s Klara Nahtigal was second with an article about another young farmer who, not content with a farm comprising Haflinger horses, cattle and poultry, decided to branch out further and diversify into adventure vacation, riding lessons and children’s activities. Holland’s Durkje Hietkamp took third place for her article about Nieske Neimeijer, a 30-year-old farmer who, after taking on her husband’s parents’ farm, decided to go down the difficult road of conversion to organic production to make the unit viable.


The ENAJ management committee


Award distribution. From left to right ENAJ chairman Jef Verhaeren, Roger Waite (DG Agri), award winners Durkje Hietkamp,
Eva Zitz and Klara Nahtigal, Daniel Rosario, spokesman Commissionar Hogan, Tatjana Cop,
ENAJ Management Committee, and ENAJ vice chairman Katharina Seuser


WITH ENAJ IN LATVIA


With Belgian federal Minister of Agriculture Willy Borsus and Jerzy Plewa, director general DG-Agri (Agriculture)
of the European Commission

From May 30th until June 2nd I was in Latvia with my ENAJ delegates for an ENAJ delegate meeting and a press trip. At the same time we attended the Informal Meeting of the EU Ministers of Agriculture presided by Latvian Minister of Agriculture Janis Duklavs.


With Latvian Minister of Agriculture Janis Duklavs, President of the EU Ministers Council and ENAJ
secretary general Damien O’Rielly

The visit to Latvia was the fourth time since the creation of the European Network of Agricultural Journalists (ENAJ) that its members had attended the Informal Meeting, following previous trips to Denmark, Ireland and Greece. This time we had to organize this ourselves with the help of the Latvian government. Our journalists proved a popular fixture in the ENAJ event calendar: not only a different country’s agriculture to experience and explore (farm visits and tours always form part of the itinerary) and the chance to meet other journalists from the 22 countries that now make up ENAJ, but also for the unique opportunity to interact, and interview in an unusually informal setting, individual agricultural ministers.


With Mansel Raymond, president of the COPA dairy section

The topic of the informal meeting, “Sustainability, growth and consumers’ needs before and after 2020”, sought to identify the most significant problems encountered by the sector. These included consumer trust in organic products, organic plant and animal reproductive material, coexistence of organic and conventional farming – and perhaps the thorniest issue, the proposal for a Regulation on organic agriculture.


With other ENAJ-journalists at the pressconference of EU Commissioner Agriculture Phil Hogan,
Latvian Minister of Agriculture Janis Duklavs, President of the EU Ministers Council,
and Czeslav Siekierski, President of the Commission Agriculture of the European Parliament

Again as ENAJ chairman I could be very satisfied about the success of this ENAJ activity with enthusiastic delegate journalists about the trips, the meetings and the networking.


Interview with Belgian federal Minister of Agriculture Willy Borsus together with Jacques Van Outryve

 


With Belgian federal Minister of Agriculture Willy Borsus

Panoramic view on Riga (click on picture to enlarge view):



ENAJ ELECTIONS

During the annual general meeting, held on January 26 in Brussels, delegates of the ENAJ associations and guilds were invited to select nine new members of the management committee.

New in the management committee will be Lisa Bellocchi from Italy and Adrian Krebs from Switzerland. They replace Gudrun Andreasen from Denmark and Jesus Lopez Colmenarejo from Spain, who stepped down. I thank Gudrun and Jesus for what they have done for ENAJ and I’m sure they will continue to support ENAJ in the future.

From the current members of the management committee for the next three years were re-elected: Jef Verhaeren (Belgium), Katharina Seuser (Germany), Erik Massin (France), Damien O'Reilly (Ireland), Hans Siemes (The Netherlands), Adrian Bell (United Kingdom) and Tatjana Cop (Slovenia).

The newly-elected committee nominated me again as chairman. I accepted the job for one more year.


General Assembly

WITH THE BULGARIAN GUILD AAJB IN VARNA

From October 1st to 3rd 2015, the new Association of Agricultural Journalists of Bulgaria met in Varna on the Black Sea. About 20 member journalists participated and I as chairman of ENAJ was honoured to be their guest. On Thursday the 1st the general assembly took place where chairman Ekaterina Terzieva reported. I gave an introduction about ENAJ and after an open discussion the program for 2016 was made up.

On Friday the 2nd we visited a factory of Aliphos near Varna, where phosphates are produced. From there we travelled to Rostgrad where we visited the new fermentation plant of Biovet (Huvepharma). On Saturday the 3rd we closed the trip with a visit to a winery. It was a beautiful programme and the spirit in the group is wonderful.


The new Association of Agricultural Journalists of Bulgaria

 


Visit of the new fermentation plant of Biovet (Huvepharma)

 


Visit in Aliphos

ENAJ PRESS TRIP IN IRELAND

In 2015 four ENAJ press trips where organised; one in Denmark in April, one in Ireland in June, one in Austria in September and one in Italy in September as well. I participated myself in the Irish and Italian press trips.

In Ireland we were hosted by the Irish foof board Bord Bia. The subject was sustainable cattle and we visited farms, scientific institutions, a dairy plant and a meat plant. In the headquarter of Dairygolf near Cork we had a meeting with the Irish minister of agriculture Simon Coveney.


Meeting with the Irish minister of agriculture Simon Coveney in the headquarter of Dairygolf

 


 

 

ON A PRESS TOUR IN EMILLIA-ROMAGNA

With about 15 ENAJ journalists I took part in the Press Tour organised by the Italian Guild UNAGA in September. I did a speech on the World Congress in Milan about communication deontology. Thanks to the Regional Agricultural Department, the group travelled through the main foodie production: tomato sauce in Piacenza, the “culatello kingdom” in Parma; the balsamic traditional vinegar in Modena and Reggio Emilia; a flour factory near Ravenna; regional typical wines in the Historical Cellar, hosted in a XIV Century Castle; tortellini, tagliatelle and mortadella in Bologna. We learned top make pasta in Casa Artuzi in Forlimpopoli and we even got a pasta diploma.


 


 


 


 


 


WITH EURASCO AT FIER AGRICOLA IN VERONA

From February 2nd to 7th I was in Verona where I gave a presentation about ENAJ for EURASCO, the European association of agricultural exhibition organisers and assocviate member of ENAJ. It was a very positive meeting and of course I visited the exhibition Fier Agricola together with ENAJ secretary general Damien O’Rielly.

 

 

 

 


Webmaster © ep_communication